Onze collectieve geschiedenis in Nederland

Fototentoonstelling ‘Gurbette’ in Turkije zeer geslaagd

Atlas Cultureel Centrum in Den Haag en Marmara Universiteit in Istanbul hebben de fototentoonstelling ‘gurbette’(in het buitenland); een tentoontoonstelling over 50 jaar Turkse arbeidsmigratie in Nederland in Istanbul met succes aan een groot publiek gepresenteerd. Naast de Nederlandse consul-generaal, Bart van Bolhuis, de rector van Marmara Universiteit, Prof.dr. Ahmet Sukru Ozdemir en de schrijver van het boek ‘50 jaar, 50 verhalen’, Sahin Yildirim waren er ruim honderd bezoekers aanwezig bij de opening.

De fototentoonstelling ‘Gurbette’  bestond uit tweedelen. In de grote zaal werden de foto’s van de toenmalige gastarbeiders en hun Nederlandse collega’s drietalig tentoongesteld en in de tweede ruimte werden de kunstwerk van de studenten van Marmara Universiteit; waar ze meer dan 3 maanden aan gewerkt hebben tentoongesteld.

Sahin Yildirim: “De eerste betrekkingen tussen Nederland en Turkije vonden plaats tijdens de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648) tussen de Nederlandse republiek en Spanje. In opdracht van Willem van Oranje reisden twee delegaties in 1568 en 1574 af naar het Ottomaanse Rijk, dat eveneens in oorlog was met de katholieke Spanjaarden. De Turkse sultan besloot de Nederlandse opstandelingen te ondersteunen en al snel werd ´Liever Turks dan Paaps´ een populaire leus onder de Watergeuzen.”

Cornelis Haga

Sahin Yildirim: “Hoewel het Ottomaanse Rijk met deze alliantie het eerste land werd dat een alliantie aanging met Nederland, was er formeel gezien nog geen sprake van officiële diplomatieke betrekkingen. Dit was pas het geval in 1612, toen de Schiedamse jurist Cornelis Haga het recht van de Turkse sultan Ahmed l verkreeg om onder Nederlandse vlag handel te drijven in Istanboel. Hiermee was het Ottomaanse Rijk het eerste land dat de onafhankelijkheid van de Republiek der Verenigde Nederlanden erkende. Ook culturele overwegingen speelden een rol in de Nederlandse belangstelling voor het Ottomaanse Rijk. Zo vonden bijvoorbeeld zeldzame manuscripten hun weg naar Nederlandse bibliotheken. Eind zestiende eeuw kwam de tulp vanuit Turkije naar Europa, die in Nederland eerst tot een periode van tulpengekte leidde en zich langzamerhand tot nationaal symbool ontwikkelde.

In 1923 was Nederland tevens het eerste land dat de onafhankelijkheid van de Turkse Republiek erkende.”

50 jaar arbeidsmigratie

 Sahin Yildirim: “Na de Tweede Wereldoorlog kreeg de relatie tussen Nederland en Turkije een nieuwe dimensie door arbeidsmigratie.

Op 19 augustus 1964 sloten Nederland en Turkije officieel een verdrag om het arbeidstekort in Nederland op te lossen. Zo gingen zij hier in de jaren zestig bijvoorbeeld bij de Philipsfabriek, Fordfabriek, textielindustrie etc. werken. Zonder hen was de Nederlandse economie nooit sterk zoals het nu is. De Turkse gastarbeiders zouden in eerste instantie tijdelijk in Nederland verblijven, maar het liep anders. De Turken die voor werk naar Nederland kwamen, hebben zich er uiteindelijk gevestigd. Inmiddels wonen er bijna 500 duizend Turken in Nederland en ze zijn bijna in elke sector vertegenwoordigd.

In 2014 was het vijftig jaar geleden dat de eerste Turkse gastarbeiders in Nederland arriveerden. De gastarbeiders zijn allochtonen, buitenlanders, nieuwkomers, medelanders, etnische minderheden, culturele groepen en vluchtelingen genoemd. Vandaag de dag worden ze Turkse Nederlanders genoemd. Maar wie waren de Turkse gastarbeiders eigenlijk? Waar werkten ze? Hoe woonden ze? Kwamen ze alleen van het platteland van Turkije of ook uit de steden? Werden zij alleen geworven of arriveerden ze ook spontaan? Waren ze analfabeet of hadden ze ook scholing genoten? Hoe ervaarden zij Nederland? Waarom verlieten ze hun geboorteland? Wat vonden Nederlanders van de Turken?”

Rondom vijftig jaar arbeidsmigratie heeft auteur Sahin Yildirim een boek ’50 jaar, 50 verhalen’ gepubliceerd.  Het boek bevat 25 verhalen van de eerste generatie gastarbeiders en 25 autochtone Nederlanders ( werkgevers, collega’s, tolken, docenten, vrijwilligers van de kerken en buren etc). Hiermee is onze collectieve geschiedenis in Nederland vastgelegd voor de nieuwe generaties. De pioniers vertellen in het boek alles over het werk, het pensionleven, de buurt, de taalproblemen, de gezinshereniging, de relatie met de Nederlanders, maar ook hun cultuur, sport, politiek en niet te vergeten hun religie.

Nederland blijft grootste investeerder in Turkije

Bart van Bolhuis, consul-generaal: “Allereerst wil ik het bestuur van Atlas Cultureel Centrum en de heer Yildirim van harte bedanken voor dit prachtige initiatief. Daarnaast wil ik graag een aantal belangrijke punten aankaarten.

“Onze medewerkers op consul-generaal en Nederlandse Ambassade bestaan deels uit tweede generatie Turkse Nederlanders, van wie ooit ouders in de jaren zestig naar Nederland gingen om te werken. Op dit moment werken zij op hogere niveau bij ons. Wij kunnen heel goed gebruik maken van hun expertise en meertaligheid. Daarnaast is Nederland de afgelopen jaren de grootste buitenlandse investeerder in Turkije geworden. Nu de twee landen tot een herstel van de betrekkingen gaan (maart 2018), zal dat met name de economische relatie positief beïnvloeden. Tot slot gaan er steeds meer Turkse leerlingen voor hun bachelor en master opleiding naar Nederland. Dit zijn allemaal rijkdom voor ons. We moeten onze collectieve geschiedenis bewaren en overdragen aan nieuwe generaties.”

Prof. Dr. Ahmet Şükrü Özdemir: “Allereerst wil ik iedereen nogmaals van harte welkom heden voor jullie aanwezigheid bij de opening van de fototentoonstelling ‘Gurbette’ welke met iniatief van ons (KEYEM) en Atlas Cultureel Centrum vandaag een succes is geworden. Mijn bijzondere dank gaat naar de heer Yildirim, initiatiefnemer van het project. Dit fototentoonstelling blijft tot 20 januari 2019 in de galarij Ataturk toegankelijk voor iedereen. Vervolgens gaat de fototentoonstelling in juni naar Ankara, de hoofdstad van Turkije. De fototentoonstelling zal daar van 1 t/m 29 juni in Zülfü Divali Cultureel Centrum worden tentoongesteld.

 

Turkse media gaf bijzonder aandacht aan de fototentoonstelling. Zie de linkjes:

https://www.timeturk.com/gurbette-fotograf-sergisi-basladi/haber-1020997

https://www.haberturk.com/istanbul-haberleri/17341214-gurbette-fotograf-sergisi-acildi

http://www.star.com.tr/yerel-haberler/gurbette-fotograf-sergisi-acildi-3705431/

https://www.trtturk.com.tr/haber/turkiye/gurbette-fotograf-sergisi-acildi_1995

https://www.avrupagazete.co.uk/kultur-sanat/gurbette-fotograf-sergisi-acildi-h289754.html

Marokko

Mohamedi El Banihiati naar de Bemuurde Weerd voor een ontmoeting

Met een groot pak onder de arm komt Mohamedi El Banihiati naar de Bemuurde Weerd voor een ontmoeting met zijn oude werkgevers Arnold en John Schat van bakkerij Do Schat. Samen kijken ze naar een filmfragment over de bakkerij in het begin van de jaren zeventig, toen daar veel gastarbeiders werkten. El Banihiati was hun eerste buitenlandse werknemer.

Leuke herinneringen worden opgehaald. Hoe hij begon als schoonmaker, al snel in de bakkerij gebak stond te maken en een eigen wijk kreeg om brood te bezorgen. El Banihiati vond bij hen niet alleen een baan, maar kon ook wonen boven de zaak. Een schilderij “de bakkerij” van Anton Pieck, dat daar hing heeft hij al die jaren bewaard. Hij wil het nu weer terug geven aan de familie Schat.

Turkije

Van arbeider tot politicus

Necati Genç (1932, Gümüşhane) werkte als medisch officier in Turkije. Tijdens zijn dienstplicht in Erzurum won hij medailles met skiwedstrijden. Zijn vader werkte als ambtenaar bij een postkantoor. Hij wilde graag studeren, maar kon geen studiebeurs krijgen. In Ankara volgde hij een vierjarige medische opleiding.

De avontuurlijke Necati Genç is waarschijnlijk de allereerste Turkse migrant in Nederland. Hij kwam in 1959 in Nederland wonen nadat hij vier jaar met een vrachtschip landmijnen naar Amerika, Canada, Engeland en Duitsland had gebracht. Genç was bovendien de eerste Turkse tolk en maatschappelijk medewerker in Nederland.

Fototentoonstelling ‘Gurbette’ in Turkije zeer geslaagd

Gastarbeiders uit Griekenland

Met de komst van Griekse gastarbeiders in de jaren zestig begon de Griekse gemeenschap pas echt te groeien. In 1966 sloten de Nederlandse en Griekse regering een wervingsverdrag, waarna Nederlandse bedrijven in Griekenland arbeiders konden werven. In de praktijk gebeurde dat overigens al vanaf 1961. Bedrijven zoals de Staatsmijnen, Royal Sphinx (Maastricht), de garenspinnerij NYMA (Nijmegen) en De Vries Robbé (Gorinchem) trokken toen op eigen initiatief naar Griekenland. Bovendien hadden België (1957) en Duitsland (1960) al eerder een officieel verdrag getekend, waardoor er ook een migratie van Grieken uit die landen naar Nederland op gang kwam. Wanneer het werk in de Belgische mijnen te zwaar werd, zocht men vlak over de grens naar betere omstandigheden.

Een grote concentratie Grieken ontstond in Utrecht, waar zij naar verhouding oververtegenwoordigd zijn. In de loop van de jaren zeventig openden de eerste Griekse restaurants hun deuren. Het land werd steeds populairder als vakantiebestemming, wat hun populariteit in Nederland deed toenemen.De meerderheid van de Grieken in Nederland komt uit de noordelijke gebieden Macedonië en Tracië. Alleen in de havenstad Rotterdam wonen ook Grieken van de eilanden en van de Peloponnesos. In de jaren zestig steeg het aantal Grieken door de arbeidsmigratie, totdat de oliecrisis daar een eind aan maakte.

Vanwege de toetreding van Griekenland tot de EU (1981) konden Grieken vanaf 1988 gebruikmaken van het vrije arbeidsverkeer van werknemers. Als gevolg daarvan neemt hun aantal in Nederland vanaf het einde van de jaren tachtig weer toe. In 2010 woonden er 14.241 Grieken in Nederland.

Algerije

Van arbeider tot politicus

Gino Scalzo gaat in 1963 aan de slag in de Nederlandse Kabelfabriek (N.K.F.) in Delft. Zijn broer werkt daar dan al.
Gino wordt op 26 april 1941 in de provincie Palermo op Sicilië geboren. Zijn vader heeft een boerenbedrijf. Als jonge man werkt Gino in de boerderij en in de bouw. Hij komt in Delft terecht na een moeilijke periode van werk en verblijf in Zwitserland en Duitsland.

Scalzo heeft zich op politiek en sociaal front altijd ingezet voor de zwakkeren in de samenleving, niet alleen voor migrantengroepen. Als in 1986 migranten voor de gemeenteraad mogen stemmen, wordt hij gevraagd zich kandidaat te stellen. Hij twijfelt. Hij heeft een voltijdbaan bij de NKF en daarnaast is hij landelijk voorzitter van de FILEF (Federazione Italiani Emigrati e Famiglie), lid van de Districtsraad en de Bondsraad, voorzitter van de bedrijfsledengroep FNV, lid van het landelijke adviesorgaan voor minderheden van de Industriebond en lid van de Commissie etnische groepen.

Daarnaast zit hij in een commissie die het partijbestuur en Tweede Kamerleden van de PvdA adviseert en in de begeleidingscommissie van de Sociale Raadslieden, een adviesorgaan van B&W in Delft.
Na 14 jaar raadslid te zijn geweest en met de komst van zijn eerste kleinkind in 2000, stopt Scalzo met het gemeenteraadswerk. Tot op de dag van vandaag is hij maatschappelijk betrokken.

Italie

Van arbeider tot politicus

Gino Scalzo gaat in 1963 aan de slag in de Nederlandse Kabelfabriek (N.K.F.) in Delft. Zijn broer werkt daar dan al.
Gino wordt op 26 april 1941 in de provincie Palermo op Sicilië geboren. Zijn vader heeft een boerenbedrijf. Als jonge man werkt Gino in de boerderij en in de bouw. Hij komt in Delft terecht na een moeilijke periode van werk en verblijf in Zwitserland en Duitsland.

Scalzo heeft zich op politiek en sociaal front altijd ingezet voor de zwakkeren in de samenleving, niet alleen voor migrantengroepen. Als in 1986 migranten voor de gemeenteraad mogen stemmen, wordt hij gevraagd zich kandidaat te stellen. Hij twijfelt. Hij heeft een voltijdbaan bij de NKF en daarnaast is hij landelijk voorzitter van de FILEF (Federazione Italiani Emigrati e Famiglie), lid van de Districtsraad en de Bondsraad, voorzitter van de bedrijfsledengroep FNV, lid van het landelijke adviesorgaan voor minderheden van de Industriebond en lid van de Commissie etnische groepen.

Daarnaast zit hij in een commissie die het partijbestuur en Tweede Kamerleden van de PvdA adviseert en in de begeleidingscommissie van de Sociale Raadslieden, een adviesorgaan van B&W in Delft.
Na 14 jaar raadslid te zijn geweest en met de komst van zijn eerste kleinkind in 2000, stopt Scalzo met het gemeenteraadswerk. Tot op de dag van vandaag is hij maatschappelijk betrokken.

Spanje

Spaanse arbeiders 50 jaar in Nederland

Vanaf de jaren ’50 kwamen de eerste gastarbeiders uit Spanje naar Nederland. De Spaanse migranten kwamen vanwege economische redenen maar bij een flink aantal speelde ook politieke redenen een rol. De meesten gingen naar Frankrijk, maar spoedig waren zij ook in Nederland te vinden. Daar werden zij vooral door grote bedrijven geworven, zoals Hoogovens vanaf 1958, in de mijnen, bij Philips Eindhoven, de Twentse textielindustrie, in de Rotterdamse havens en bij de Demka in Utrecht.

Het Franco-regime

In Spanje had Franco met zijn fascistische Falange-beweging zich stevig gevestigd. Hij werd actief gesteund door de Rooms-katholieke kerk. In de context van van de Koude Oorlog streed Spanje ook tegen het communisme. Er werden vier belangrijke Amerikaanse militaire bases in Spanje gevestigd. In feite was deze dictatuur hiermee een soort lid van de NATO. Op het einde van zijn regime probeerde Franco zijn steeds minder populaire bewind te redden. Onder meer door prins Juan-Carlos als zijn opvolger aan te wijzen. Dat kon omdat de monarchie nooit officieel was afgeschaft. De prins kreeg inderdaad de macht na de dood van de dictator in 1975, maar het pakte anders uit dan voorzien. Spanje werd namelijk snel een democratie in de vorm van een constitutionele monarchie. Tien jaar later sloot het land zich aan bij de EEG.