Onze collectieve geschiedenis in Nederland

Veel belangstelling voor de fototentoonstelling ‘50 jaar Marokkaanse migratie in Nederland’ in Amsterdam

fototentoonstelling 50 jaar marokkaansemigratie in Nederland in Amsterdam scaled

In Ru Paré Community Amsterdam is de fototentoonstelling  ‘Vijftig jaar Marokkaanse migratie in Nederland’ geopend. Zouhair Saddiki gaf een korte inleiding en daarna zorgde Dr. Ineke van der Valk voor een lezing. In de tweede deel van het programma zorgde Sahin Yildirim, medeauteur van het boek ‘Een halve eeuw in Nederland’ voor een interactief gesprek in de zaal. 

Zouhair Saddiki opende het programma met het motto van het boek ‘Een halve eeuw in Nederland: Wie het verleden niet eert, verliest de toekomst, wie zijn wortels vernietigtkan niet groeien van Friedensreich Hundertwasser.

Hierna gaf Dr. Ineke van der Valk een  lezing zorgen over ‘50 jaar Marokkaanse migratie in Nederland’ en de beeldvorming van de moslims in de media. In het tweede deel van het programma heeft Sahin Yildirim drie  mensen ( Mustapha, Raji en Rachida) korte vragen over het ‘verleden, heden en toekomst’ gevraagd. In vervolg hiervan is ook Sofyan Mbarek, docent en raadslid in Amsterdam vragen gesteld over de huidige problemen. Volgens Sofyan kunnen we alleen door middel van dialoog racistische uitingen voorkomen.

‘Ja, hier was het. 16 september 1966 om half negen ’s avonds ben ik aangekomen’, vertelt Mustapha Slaby over zijn aankomst op het Centraal Station. Hij is een van de gastarbeiders van wie een portret te zien is op de tentoonstelling 50 jaar Marokkaanse migratie in Nederland. ‘Het straalde meteen rust uit en ik was meteen verliefd op Amsterdam.’

Bordenwasser en autospuiterij
24 was Mustapha toen hij besloot om de oversteek naar Europa te maken. Het doel was Stockholm, maar het werd tussenstop Amsterdam. In de maanden daarna werkte hij als bordenwasser in het Doelen Hotel en was hij medewerker van een autospuiterij, tot hij terechtkwam in een van de ziekenhuizen van de stad. ‘Bij de VU heb ik ook van alles gedaan, maar op een gegeven moment ben ik toch opgeleid als medisch laborant. 38 jaar heb ik gediend, met veel plezier.’

Mustapha is slechts een van de gezichten van de tentoonstelling die vanavond opent. ‘In eerste instantie ging de voorkeur van Nederland uit naar Italië, Spanje en Griekenland en daarna naar Turkije en Marokko’ vertelt Sahin Yildirim, de samensteller van de tentoonstelling. ‘Die mensen hebben enorm bijgedragen aan de wederopbouw van Nederland kun je zeggen, aan de welvaart van Nederland.’

Geen spijt
Vijftig jaar na de eerste migratiegolf wonen er zo’n 380.000 mensen met Marokkaanse roots in Nederland. Veel van de eerste gastarbeiders zijn inmiddels gepensioneerd. De tentoonstelling moet hun geschiedenis in leven houden.

Mustapha heeft vijf decennia later nog steeds geen spijt van zijn verhuizing. ‘Ik zou nooit ergens anders willen wonen. Ik vind alle steden en alle landen van de wereld belangrijk en heel mooi. Maar Amsterdam is voor mij het leven.’

De tentoonstelling is tot 28 maart te bezoeken in de Ru Paré Community.

Marokko

Mohamedi El Banihiati naar de Bemuurde Weerd voor een ontmoeting

Met een groot pak onder de arm komt Mohamedi El Banihiati naar de Bemuurde Weerd voor een ontmoeting met zijn oude werkgevers Arnold en John Schat van bakkerij Do Schat. Samen kijken ze naar een filmfragment over de bakkerij in het begin van de jaren zeventig, toen daar veel gastarbeiders werkten. El Banihiati was hun eerste buitenlandse werknemer.

Leuke herinneringen worden opgehaald. Hoe hij begon als schoonmaker, al snel in de bakkerij gebak stond te maken en een eigen wijk kreeg om brood te bezorgen. El Banihiati vond bij hen niet alleen een baan, maar kon ook wonen boven de zaak. Een schilderij “de bakkerij” van Anton Pieck, dat daar hing heeft hij al die jaren bewaard. Hij wil het nu weer terug geven aan de familie Schat.

Turkije

Van arbeider tot politicus

Necati Genç (1932, Gümüşhane) werkte als medisch officier in Turkije. Tijdens zijn dienstplicht in Erzurum won hij medailles met skiwedstrijden. Zijn vader werkte als ambtenaar bij een postkantoor. Hij wilde graag studeren, maar kon geen studiebeurs krijgen. In Ankara volgde hij een vierjarige medische opleiding.

De avontuurlijke Necati Genç is waarschijnlijk de allereerste Turkse migrant in Nederland. Hij kwam in 1959 in Nederland wonen nadat hij vier jaar met een vrachtschip landmijnen naar Amerika, Canada, Engeland en Duitsland had gebracht. Genç was bovendien de eerste Turkse tolk en maatschappelijk medewerker in Nederland.

Veel belangstelling voor de fototentoonstelling ‘50 jaar Marokkaanse migratie in Nederland’ in Amsterdam

Gastarbeiders uit Griekenland

Met de komst van Griekse gastarbeiders in de jaren zestig begon de Griekse gemeenschap pas echt te groeien. In 1966 sloten de Nederlandse en Griekse regering een wervingsverdrag, waarna Nederlandse bedrijven in Griekenland arbeiders konden werven. In de praktijk gebeurde dat overigens al vanaf 1961. Bedrijven zoals de Staatsmijnen, Royal Sphinx (Maastricht), de garenspinnerij NYMA (Nijmegen) en De Vries Robbé (Gorinchem) trokken toen op eigen initiatief naar Griekenland. Bovendien hadden België (1957) en Duitsland (1960) al eerder een officieel verdrag getekend, waardoor er ook een migratie van Grieken uit die landen naar Nederland op gang kwam. Wanneer het werk in de Belgische mijnen te zwaar werd, zocht men vlak over de grens naar betere omstandigheden.

Een grote concentratie Grieken ontstond in Utrecht, waar zij naar verhouding oververtegenwoordigd zijn. In de loop van de jaren zeventig openden de eerste Griekse restaurants hun deuren. Het land werd steeds populairder als vakantiebestemming, wat hun populariteit in Nederland deed toenemen.De meerderheid van de Grieken in Nederland komt uit de noordelijke gebieden Macedonië en Tracië. Alleen in de havenstad Rotterdam wonen ook Grieken van de eilanden en van de Peloponnesos. In de jaren zestig steeg het aantal Grieken door de arbeidsmigratie, totdat de oliecrisis daar een eind aan maakte.

Vanwege de toetreding van Griekenland tot de EU (1981) konden Grieken vanaf 1988 gebruikmaken van het vrije arbeidsverkeer van werknemers. Als gevolg daarvan neemt hun aantal in Nederland vanaf het einde van de jaren tachtig weer toe. In 2010 woonden er 14.241 Grieken in Nederland.

Algerije

Van arbeider tot politicus

Gino Scalzo gaat in 1963 aan de slag in de Nederlandse Kabelfabriek (N.K.F.) in Delft. Zijn broer werkt daar dan al.
Gino wordt op 26 april 1941 in de provincie Palermo op Sicilië geboren. Zijn vader heeft een boerenbedrijf. Als jonge man werkt Gino in de boerderij en in de bouw. Hij komt in Delft terecht na een moeilijke periode van werk en verblijf in Zwitserland en Duitsland.

Scalzo heeft zich op politiek en sociaal front altijd ingezet voor de zwakkeren in de samenleving, niet alleen voor migrantengroepen. Als in 1986 migranten voor de gemeenteraad mogen stemmen, wordt hij gevraagd zich kandidaat te stellen. Hij twijfelt. Hij heeft een voltijdbaan bij de NKF en daarnaast is hij landelijk voorzitter van de FILEF (Federazione Italiani Emigrati e Famiglie), lid van de Districtsraad en de Bondsraad, voorzitter van de bedrijfsledengroep FNV, lid van het landelijke adviesorgaan voor minderheden van de Industriebond en lid van de Commissie etnische groepen.

Daarnaast zit hij in een commissie die het partijbestuur en Tweede Kamerleden van de PvdA adviseert en in de begeleidingscommissie van de Sociale Raadslieden, een adviesorgaan van B&W in Delft.
Na 14 jaar raadslid te zijn geweest en met de komst van zijn eerste kleinkind in 2000, stopt Scalzo met het gemeenteraadswerk. Tot op de dag van vandaag is hij maatschappelijk betrokken.

Italie

Van arbeider tot politicus

Gino Scalzo gaat in 1963 aan de slag in de Nederlandse Kabelfabriek (N.K.F.) in Delft. Zijn broer werkt daar dan al.
Gino wordt op 26 april 1941 in de provincie Palermo op Sicilië geboren. Zijn vader heeft een boerenbedrijf. Als jonge man werkt Gino in de boerderij en in de bouw. Hij komt in Delft terecht na een moeilijke periode van werk en verblijf in Zwitserland en Duitsland.

Scalzo heeft zich op politiek en sociaal front altijd ingezet voor de zwakkeren in de samenleving, niet alleen voor migrantengroepen. Als in 1986 migranten voor de gemeenteraad mogen stemmen, wordt hij gevraagd zich kandidaat te stellen. Hij twijfelt. Hij heeft een voltijdbaan bij de NKF en daarnaast is hij landelijk voorzitter van de FILEF (Federazione Italiani Emigrati e Famiglie), lid van de Districtsraad en de Bondsraad, voorzitter van de bedrijfsledengroep FNV, lid van het landelijke adviesorgaan voor minderheden van de Industriebond en lid van de Commissie etnische groepen.

Daarnaast zit hij in een commissie die het partijbestuur en Tweede Kamerleden van de PvdA adviseert en in de begeleidingscommissie van de Sociale Raadslieden, een adviesorgaan van B&W in Delft.
Na 14 jaar raadslid te zijn geweest en met de komst van zijn eerste kleinkind in 2000, stopt Scalzo met het gemeenteraadswerk. Tot op de dag van vandaag is hij maatschappelijk betrokken.

Spanje

Spaanse arbeiders 50 jaar in Nederland

Vanaf de jaren ’50 kwamen de eerste gastarbeiders uit Spanje naar Nederland. De Spaanse migranten kwamen vanwege economische redenen maar bij een flink aantal speelde ook politieke redenen een rol. De meesten gingen naar Frankrijk, maar spoedig waren zij ook in Nederland te vinden. Daar werden zij vooral door grote bedrijven geworven, zoals Hoogovens vanaf 1958, in de mijnen, bij Philips Eindhoven, de Twentse textielindustrie, in de Rotterdamse havens en bij de Demka in Utrecht.

Het Franco-regime

In Spanje had Franco met zijn fascistische Falange-beweging zich stevig gevestigd. Hij werd actief gesteund door de Rooms-katholieke kerk. In de context van van de Koude Oorlog streed Spanje ook tegen het communisme. Er werden vier belangrijke Amerikaanse militaire bases in Spanje gevestigd. In feite was deze dictatuur hiermee een soort lid van de NATO. Op het einde van zijn regime probeerde Franco zijn steeds minder populaire bewind te redden. Onder meer door prins Juan-Carlos als zijn opvolger aan te wijzen. Dat kon omdat de monarchie nooit officieel was afgeschaft. De prins kreeg inderdaad de macht na de dood van de dictator in 1975, maar het pakte anders uit dan voorzien. Spanje werd namelijk snel een democratie in de vorm van een constitutionele monarchie. Tien jaar later sloot het land zich aan bij de EEG.